Prinsjesdag ligt alweer even achter ons en de plannen voor 2027 liggen op tafel. Maar wat verandert er straks op de loonstrook en in de salarisadministratie? Of je nu werkgever bent, de salarisadministratie verzorgt binnen een klein bedrijf of als zelfstandig boekhouder voor andere ondernemers werkt: dat wil je natuurlijk weten.
Van nieuwe belastingtarieven en een hoger minimumjeugdloon tot veranderende werkgeverspremies: er komt het nodige aan, al staan nog niet alle wijzigingen definitief vast. Lees wat je kunt verwachten en waar je rekening mee kunt houden.
- Het minimumjeugdloon gaat omhoog. Vanaf 1 januari 2027 stijgen de minimumlonen voor 16- tot en met 20-jarigen. Dat betekent hogere loonkosten voor werkgevers die deze jongeren het minimumloon betalen.
- De werkgeverslasten kunnen stijgen. De lage Aof-premie gaat volgens de voorlopige cijfers omhoog. Ook bepaalde zakelijke auto's kunnen extra geld kosten.
- De belastingtarieven en heffingskortingen gaan volgens de plannen omhoog. De tarieven in de eerste twee belastingschijven stijgen. Ook de belastingkortingen worden hoger.
- Nog niet alle wijzigingen staan vast. De onbelaste reiskostenvergoeding van € 0,25 per kilometer mag je al toepassen. Andere plannen moeten nog worden goedgekeurd.
- Check je salarissoftware voor 2027. Nieuwe belastingtarieven, heffingskortingen en premies vragen om actuele software. Controleer of alles op tijd is bijgewerkt en correct wordt verwerkt.
Loonstrook 2027: belangrijkste wijzigingen op een rij
Wijziging | Wat betekent dit voor jou als ondernemer? | Status |
|---|---|---|
Andere tarieven loonheffing | De nieuwe tarieven moeten worden verwerkt in de loonberekening. Het nettoloon kan veranderen zonder dat het brutoloon verandert. | Wetsvoorstel. De Tweede en Eerste Kamer moeten het Belastingplan 2027 nog goedkeuren. Volg de voortgang van het Belastingplan 2027. |
Hogere arbeidskorting en heffingskorting | De loonheffing kan lager uitvallen. De juiste kortingen moeten worden toegepast in de salarisadministratie. | Wetsvoorstel. De Tweede en Eerste Kamer moeten het Belastingplan 2027 nog goedkeuren. Volg de voortgang van het Belastingplan 2027. |
Hogere werkgeverspremies | De werkgeverslasten stijgen mogelijk, ook als de brutolonen gelijk blijven. | Nog niet definitief. De overheid moet de definitieve premiepercentages voor 2027 nog vaststellen en bekendmaken, naar verwachting eind 2026. Hiervoor is geen apart wetsvoorstel nodig. De Belastingdienst publiceert de actuele percentages in de nieuwsbrief Loonheffingen, zodra ze beschikbaar zijn. |
Hoger minimumjeugdloon | Salarissen van jonge medewerkers moeten waar nodig worden aangepast. Dit kan leiden tot hogere loonkosten. | Vastgesteld. De verhoging gaat in per 1 januari 2027. De exacte minimumloonbedragen worden nog door de overheid bekendgemaakt. |
Andere regels voor personeelskorting | Korting op eigen producten kan je extra geld kosten. | Vastgesteld. De heffing gaat volgens de huidige regels in op 1 januari 2027. Er geldt overgangsrecht voor bestaande auto's. |
Pseudo-eindheffing voor fossiele zakelijke auto's.
| Werkgevers krijgen mogelijk te maken met een extra belasting. De regeling moet correct worden verwerkt in de aangifte loonheffingen. | Vastgesteld. De pseudo-eindheffing stond al in het Belastingplan 2026 en goedgekeurd door de Tweede en Eerste Kamer. De heffing gaat op 1 januari 2027 in. Wel worden in het Belastingplan 2027 nog aanpassingen voorgesteld, onder andere aan de overgangsregeling voor bestaande zakelijke auto's. Die aanpassingen zijn nog niet definitief. |
Meer loontransparantie | Werkgevers moeten volgens de plannen duidelijker kunnen uitleggen hoe salarissen worden bepaald. | Wetsvoorstel. Bekijk de voortgang van het wetsvoorstel over loontransparantie. |
Hogere onbelaste reiskostenvergoeding | Werkgevers kunnen hun vergoeding aanpassen. Boekhouders en salarisadministrateurs kunnen de gekozen vergoeding verwerken. | Dit is een wetsvoorstel in het Belastingplan 2027. Maar het is via een speciaal besluit al goedgekeurd, met terugwerkende kracht tot 2026. |
Andere belastingregels voor personeelskorting | Korting op eigen producten moet mogelijk anders worden verwerkt in de loonadministratie. | Wetsvoorstel. De afschaffing van de belastingvrijstelling voor personeelskorting is onderdeel van het Belastingplan 2027. De Tweede en Eerste Kamer moeten de wijziging nog goedkeuren. Kijk hier voor de voortgang van het voorstel personeelskorting niet meer standaard belastingvrij. |
Het minimumjeugdloon gaat omhoog
Heeft je bedrijf of je klant medewerkers van 16 tot en met 20 jaar in dienst die het minimumjeugdloon verdienen? Houd dan rekening met hogere personeelskosten vanaf 1 januari 2027.
Het minimumjeugdloon is een percentage van het minimumuurloon voor medewerkers van 21 jaar of ouder. Vanaf 2027 gaan de percentages voor jongeren van 16 tot en met 20 jaar omhoog. Hoeveel zij precies per uur gaan verdienen, is nog niet bekend. Dat weten we pas als de overheid het minimumuurloon voor volwassenen voor 2027 heeft vastgesteld.
Wat betekent dit voor jou?
Je kunt nu al nagaan welke medewerkers onder de nieuwe percentages vallen en wat de verhoging ongeveer gaat kosten.
Een voorbeeld: voor een medewerker van 19 jaar stijgt het minimumjeugdloon van 60% naar 75% van het volwassen minimumuurloon. Dat betekent 25% meer loon bij een gelijkblijvend minimumuurloon voor volwassenen. Een eventuele verhoging van dat minimumuurloon komt daar nog bovenop.
Status: de nieuwe percentages zijn vastgesteld en gelden vanaf 1 januari 2027. De exacte minimumuurloonbedragen voor 2027 moeten nog worden bekendgemaakt.
Leeftijd | 2026 | Vanaf 2027 |
|---|---|---|
20 jaar | 80% | 87,5% |
19 jaar | 60% | 75% |
18 jaar | 50% | 62,5% |
17 jaar | 39,5% | 50% |
16 jaar | 34,5% | 40% |
Lage Aof-premie in 2027: deze premie gaat omhoog
Naast het brutoloon betalen werkgevers verschillende werkgeverspremies. Een daarvan is de Aof-premie, een verplichte bijdrage aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds. Uit dit fonds worden uitkeringen betaald aan mensen die langdurig ziek of arbeidsongeschikt zijn, zoals een WIA-uitkering.
De Aof-premie wordt betaald door de werkgever en niet ingehouden op het salaris van de medewerker.
Kleine werkgevers betalen een lagere Aof-premie dan grotere werkgevers. Dit heet de lage Aof-premie.
Volgens de voorlopige cijfers stijgt de lage Aof-premie van 6,27% in 2026 naar 6,67% in 2027.
Wat betekent dit voor jou?
Als de stijging definitief wordt, betalen kleine werkgevers meer Aof-premie. Dat betekent hogere personeelskosten, ook wanneer de brutolonen gelijk blijven.
De Aof-premie wordt normaal gesproken automatisch berekend door de salarissoftware en afgedragen via de aangifte loonheffingen.
Voor werkgevers is het vooral belangrijk om rekening te houden met de hogere kosten in het personeelsbudget. En als boekhouders of salarisadministrateur comtroleer je uiteraard of het juiste premiepercentage wordt toegepast.
Status: voorlopige tarieven. De definitieve Aof-premies voor 2027 moeten nog worden vastgesteld.
Of de Belastingdienst een bedrijf als kleine werkgever ziet, hangt af van het totale premieloon. Dat is het loon van medewerkers waarover de werkgever werknemersverzekeringspremies betaalt, meestal inclusief vakantiegeld en bonussen. De Belastingdienst kijkt daarvoor naar het premieloon van twee jaar eerder. In 2026 geldt een grens van € 1.082.500 aan premieloon over 2024. Voor 2027 wordt gekeken naar het premieloon over 2025. Heeft het bedrijf een paar medewerkers in dienst? Dan geldt meestal de lage Aof-premie.
Hogere tarieven voor de loonheffing in 2027
Eerst even het verschil tussen loonbelasting en loonheffing. Uiteraard belangrijk dat je dit verschil zelf weet. Maar het is ook goed om te weten dat niet iedereen het verschil kent, bijvoorbeeld als je zelf boekhouder of salarisadministrateur bent en vragen krijgt van klanten of medewerkers. De termen worden namelijk nogal eens door elkaar gebruikt.
Loonheffing bestaat uit:
- Loonbelasting: belasting die je inhoudt op het brutoloon van je medewerker.
- Premies volksverzekeringen: bijdragen voor onder andere de AOW, Anw en Wlz. Deze houd je samen met de loonbelasting in op het salaris.
- Premies werknemersverzekeringen: premies voor bijvoorbeeld werkloosheid en arbeidsongeschiktheid. Die betaal je als werkgever.
- Bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw): meestal een werkgeversheffing die je boven op het brutoloon betaalt.
De loonbelasting en premies volksverzekeringen vormen samen de loonheffing die je inhoudt op het brutoloon. De werkgeverspremies en meestal de Zvw-heffing zijn werkgeverslasten.
Hoeveel loonheffing je inhoudt, hangt onder andere af van het brutoloon. Daarbij gelden belastingschijven: over verschillende delen van het inkomen worden verschillende tarieven berekend.
Volgens het Belastingplan 2027 stijgen de tarieven in de eerste twee schijven. Het tarief in de derde schijf blijft gelijk. De onderstaande percentages zijn inclusief premies volksverzekeringen en gelden voor medewerkers die de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt.
Schijf | 2026 | Voorstel 2027 |
|---|---|---|
Eerste schijf | 35,75% | 36,23% |
Tweede schijf | 37,56% | 38,16% |
Derde schijf | 49,50% | 49,50% |
Ook de inkomensgrenzen veranderen. Die bepalen vanaf welk inkomen een hoger belastingtarief geldt.
In 2027 geldt volgens de plannen het laagste tarief voor de eerste € 39.247 aan jaarinkomen. In 2026 is dat € 38.883. Voor het deel daarboven, tot € 78.426, geldt het tweede tarief. Verdient je medewerker meer? Dan geldt voor het bedrag boven € 78.426 het hoogste tarief.
Wat betekent dit voor jou?
De nieuwe tarieven moeten worden verwerkt in de loonberekening. Dat gebeurt normaal gesproken automatisch via actuele salarissoftware.
Voor werkgevers verandert het brutoloon hierdoor niet. Voor medewerkers kan het nettoloon wel veranderen. Of iemand netto meer of minder overhoudt, hangt onder andere af van het inkomen en de heffingskortingen. De voorgestelde hogere heffingskortingen kunnen een deel van de hogere belasting compenseren.
Status: wetsvoorstel. De Tweede en Eerste Kamer moeten het Belastingplan 2027 nog goedkeuren.
Hogere heffingskortingen in 2027
Een heffingskorting is een korting op de belasting die een werknemer moet betalen. Voor de salarisadministratie is dit belangrijk, omdat heffingskortingen invloed hebben op hoeveel loonheffing je inhoudt en dus op het nettoloon.
Er zijn verschillende heffingskortingen. De twee belangrijkste zijn:
- Arbeidskorting: een belastingkorting voor mensen die werken. Hoeveel korting iemand krijgt, hangt onder andere af van het inkomen. Volgens het Belastingplan 2027 stijgt de maximale arbeidskorting van € 5.685 in 2026 naar € 5.929 in 2027.
- Algemene heffingskorting: een belastingkorting waar veel mensen recht op hebben, ook als ze niet werken. De hoogte hangt onder andere af van het inkomen. Volgens de plannen stijgt het maximale bedrag van € 3.115 naar € 3.154.
Wat betekent dit voor jou?
Bij de loonberekening houd je rekening met deze kortingen als de medewerker heeft aangegeven dat de loonheffingskorting mag worden toegepast.
Een medewerker mag de loonheffingskorting maar bij één werkgever of uitkeringsinstantie tegelijk laten toepassen. De salarisadministratie moet daarom over de juiste gegevens beschikken.
Salarissoftware verwerkt de geldende kortingen normaal gesproken automatisch. Voor werkgevers veranderen de brutoloonkosten hierdoor niet. Het nettoloon van medewerkers kan wel veranderen.
Status: wetsvoorstel. De Tweede en Eerste Kamer moeten de voorgestelde bedragen voor 2027. nog goedkeuren.
Een zakelijke benzine- of dieselauto kan extra geld kosten
Vanaf 2027 betalen werkgevers een extra belasting voor bepaalde fossiele personenauto's van de zaak. Deze regeling heet de pseudo-eindheffing.
De pseudo-eindheffing bedraagt 12% van de cataloguswaarde per jaar voor zakelijke benzine-, diesel- en hybrideauto's die onder de regeling vallen en ook privé worden gebruikt. Woon-werkverkeer telt voor deze regeling ook als privégebruik.
Stel, een medewerker krijgt een zakelijke auto met een cataloguswaarde van € 35.000. Dan kan de extra heffing oplopen tot € 4.200 per jaar.
De werkgever betaalt deze belasting boven op de bestaande autokosten.
Voor auto's die vóór 1 januari 2027 al ter beschikking zijn gesteld, geldt overgangsrecht. Volgens de huidige regels loopt dat tot 17 september 2030. Het kabinet stelt voor de overgangsperiode te verlengen tot en met 31 december 2030.
Wat betekent dit voor jou?
Controleer welke zakelijke auto's onder de regeling vallen en wanneer ze ter beschikking zijn gesteld. Houd bij nieuwe leasecontracten rekening met de extra kosten en zorg dat je salarisadministratie de pseudo-eindheffing correct verwerkt in je loonheffingen. De pseudo-eindheffing wordt apart aangegeven en komt niet als inhouding op het nettoloon van je medewerker.
Status: vastgesteld, met ingang van 1 januari 2027 en overgangsrecht voor bestaande auto's.
Onbelaste reiskostenvergoeding in 2027 € 0,25 per kilometer
Sinds 1 januari 2026 mogen werkgevers maximaal € 0,25 per kilometer belastingvrij vergoeden voor zakelijke reizen en woon-werkverkeer. Voorheen was dat € 0,23 per kilometer.
De verhoging is al toegestaan via een beleidsbesluit van de overheid. Het kabinet wil het bedrag ook officieel in de wet vastleggen via het Belastingplan 2027.
Werkgevers zijn niet automatisch verplicht om het maximale bedrag te vergoeden. Dat hangt af van de afspraken met medewerkers en een eventuele cao.
Wat betekent dit voor jou?
Controleer welk bedrag momenteel wordt vergoed. Is dat nog € 0,23 per kilometer? Dan kan de werkgever besluiten dit te verhogen naar € 0,25.
De hogere vergoeding kan onder de voorwaarden van het beleidsbesluit ook met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 worden toegepast.
Voor een correcte verwerking is het belangrijk dat de gekozen vergoeding overeenkomt met de afspraken met medewerkers en goed is vastgelegd in de salarisadministratie.
Status: al toegestaan. De belastingvrije vergoeding van € 0,25 per kilometer mag sinds 1 januari 2026 worden toegepast via een beleidsbesluit. De wettelijke vastlegging in het Belastingplan 2027 is nog niet definitief.
Personeelskorting niet meer belastingvrij vanaf 2027
Geef je bedrijf medewerkers korting op eigen producten? Denk bijvoorbeeld aan een kledingwinkel waar medewerkers goedkoper kleding mogen kopen. Nu mag een werkgever die korting onder bepaalde voorwaarden belastingvrij geven. Daarvoor bestaat een speciale belastingregel. Het kabinet wil deze regel vanaf 2027 afschaffen. Dat betekent uiteraard niet dat de werkgever geen personeelskorting meer mag geven, het kan alleen niet meer belastingvrij.
Stel, een medewerker koopt een jas van € 100 met 20% personeelskorting. Je medewerker betaalt € 80.
Nu mag de werkgever die € 20 korting onder bepaalde voorwaarden belastingvrij geven.
Als de speciale belastingvrijstelling verdwijnt, kan die € 20 korting meetellen als loon waarover belasting moet worden betaald.
Wat betekent dit voor jou?
Controleer of er personeelskortingen worden gegeven en hoe deze nu in de loonadministratie worden verwerkt.
Wil de werkgever de korting belastingvrij blijven geven? Dan kan mogelijk gebruik worden gemaakt van de werkkostenregeling (WKR). Daarmee kunnen bepaalde vergoedingen en voordelen onder voorwaarden belastingvrij worden verstrekt.
Of dit extra kosten oplevert, hangt onder andere af van de beschikbare ruimte binnen de WKR.
Wil je het bedrijf korting vanaf 2027 belastingvrij blijven geven? Check dan of dat binnen de werkkostenregeling past. Zo voorkom je onverwachte extra belastingkosten.
Status: wetsvoorstel. Het kabinet wil de aparte belastingvrijstelling vanaf 1 januari 2027 afschaffen. De Tweede en Eerste Kamer moeten dit nog goedkeuren.
Meer openheid over salarissen
Naast de fiscale wijzigingen zijn er plannen voor nieuwe regels over loontransparantie.
Volgens het wetsvoorstel moeten werkgevers duidelijker zijn over hoe salarissen worden bepaald. Sollicitanten moeten vooraf informatie krijgen over het startsalaris of de salarisschaal. Werkgevers mogen dan ook niet meer vragen wat iemand bij een vorige werkgever verdiende.
Medewerkers krijgen bovendien het recht om informatie op te vragen over gemiddelde salarissen van collega's die hetzelfde of gelijkwaardig werk doen, uitgesplitst naar geslacht.
Wat betekent dit voor jou?
Ook kleine werkgevers krijgen volgens het wetsvoorstel te maken met verplichtingen rond loontransparantie. Het is daarom verstandig om vast te leggen op basis van welke criteria salarissen worden bepaald, zoals ervaring, vaardigheden en verantwoordelijkheden.
Een uitgebreide rapportageplicht geldt volgens de plannen voor werkgevers vanaf 100 werknemers. Kleine werkgevers met een paar medewerkers krijgen daar niet mee te maken.
Status: wetsvoorstel. De beoogde ingangsdatum is 1 januari 2027, maar deze is nog niet definitief.
Wat verandert voor DGA-salaris in 2027?
Ben je directeur-grootaandeelhouder van je eigen bv? Dan zijn vooral de nieuwe belastingtarieven, heffingskortingen en het gebruikelijk loon belangrijk.
Als DGA moet je jezelf in principe een gebruikelijk loon uitbetalen. In 2026 bedraagt het wettelijke normbedrag € 58.000. Het normbedrag voor 2027 moet nog definitief worden vastgesteld. Dit gebeurt eind 2026.
Door de veranderingen in de belastingtarieven en heffingskortingen kan ook jouw nettosalaris veranderen. Je salarisadministratie verwerkt de nieuwe tarieven normaal gesproken automatisch.
Heb je daarnaast een zakelijke benzine- of dieselauto die je ook privé gebruikt? Dan is het verstandig om te laten controleren of de nieuwe werkgeversheffing voor jouw bv geldt.
Wat betekent dit voor jou?
Controleer zodra de definitieve bedragen bekend zijn of je DGA-salaris nog voldoet aan de gebruikelijkloonregeling.
Doe je de salarisadministratie voor DGA's? Dan is het belangrijk om de gebruikelijkloonregeling en de gevolgen van de nieuwe tarieven op tijd met je klanten te bespreken.
Zorg dat je salarisadministratie klaar is voor 2027
Nieuwe belastingtarieven, hogere minimumlonen en veranderende werkgeverspremies. In 2027 verandert er weer het nodige in de salarisadministratie. En of je nu ondernemer bent, de salarissen binnen een klein bedrijf regelt of als boekhouder voor meerdere klanten werkt: je wilt dat alles klopt, zonder er enorm veel tijd aan kwijt te zijn.
Met de juiste salarissoftware hoef je niet zelf achter nieuwe tarieven en premies aan. Die worden automatisch bijgewerkt en verwerkt in de loonberekeningen. Zo houd je als werkgever overzicht over je personeelskosten en kun je als boekhouder meer tijd besteden aan je klanten in plaats.
Met de eenvoudige, online salarisadministratie van Shine regel je salarissen zonder gedoe. Ook als je geen salarisexpert bent. En voor DGA's is er een speciaal pakket.
Probeer de salarisadministratie van Shine nu gratis.
Checklist loonstrook 2027: wat moet je regelen?
Niet alle veranderingen zijn al definitief. Toch kun je nu al een aantal dingen voorbereiden. Loop deze checklist langs, zodat je straks niet voor verrassingen komt te staan.
- Controleer de salarissen van jonge medewerkers. Kijk of de uurloonbedragen vanaf 1 januari 2027 moeten worden verhoogd.
- Werk het personeelsbudget bij. Houd rekening met het hogere minimumjeugdloon en de verwachte stijging van de Aof-premie.
- Controleer de reiskostenvergoeding. Bekijk of het huidige bedrag nog aansluit bij de gemaakte afspraken en of de vergoeding wordt aangepast.
- Breng personeelskortingen in kaart. Controleer of deze vanaf 2027 anders moeten worden verwerkt als het wetsvoorstel wordt aangenomen.
- Controleer zakelijke auto's. Kijk welke auto's onder de pseudo-eindheffing vallen en of overgangsrecht van toepassing is.
- Bekijk het salarisbeleid. Zorg dat salarisverschillen kunnen worden onderbouwd als de regels voor loontransparantie ingaan.
- Controleer bijzondere uitkeringssituaties. Worden UWV-uitkeringen via de salarisadministratie verwerkt? Laat dan nagaan of de gewijzigde regels voor arbeidskorting gevolgen hebben.
- Controleer het DGA-salaris. Ga na of het gebruikelijk loon voor 2027 moet worden aangepast zodra het nieuwe normbedrag bekend is.
- Zorg dat de salarisadministratie klaar is voor 2027. Controleer of de definitieve tarieven, heffingskortingen, minimumlonen en werkgeverspremies correct worden toegepast.
Veelgestelde vragen over de loonstrook in 2027
De belastingtarieven en heffingskortingen veranderen naar verwachting. Daardoor kunnen je medewerkers netto meer of minder overhouden, ook als hun brutoloon gelijk blijft. Daarnaast gaat het minimumjeugdloon voor medewerkers van 16 tot en met 20 jaar omhoog.
Mogelijk. Het gebruikelijk loon moet nog definitief worden vastgesteld. Daarnaast kunnen de nieuwe belastingtarieven en heffingskortingen invloed hebben op wat je netto overhoudt.
Dat kan. Vooral als je jonge medewerkers hebt die het minimumjeugdloon verdienen, stijgen je loonkosten. Ook de Aof-premie gaat volgens de voorlopige cijfers omhoog. Daardoor kun je meer kwijt zijn aan personeel zonder dat je de brutolonen verhoogt.
Niet iedereen. Je moet het loon aanpassen van medewerkers die anders onder het nieuwe wettelijke minimumloon uitkomen. Voor andere medewerkers hangt een salarisverhoging af van hun huidige loon, de cao en de afspraken die je hebt gemaakt.
Dat hangt af van je situatie. Als DGA moet je salaris voldoen aan de gebruikelijkloonregeling. Het normbedrag voor 2027 moet nog worden vastgesteld. Daarnaast kunnen de nieuwe belastingtarieven en heffingskortingen invloed hebben op je nettosalaris.






