Het kabinet wil de zogenoemde zachte landing bij de handhaving op schijnzelfstandigheid niet verlengen. Dat betekent dat de Belastingdienst vanaf 1 januari 2026 weer boetes kan opleggen als een arbeidsrelatie ten onrechte als zelfstandigheid wordt aangemerkt.
De Tweede Kamer had juist gevraagd om de overgangsperiode langer te laten duren, zodat opdrachtgevers en zelfstandigen meer tijd kregen om zich aan te passen. Staatssecretaris van Financiën Eugène Heijnen wijst dat verzoek af in een Kamerbrief van 2 oktober 2025.
Wat is de zachte landing bij handhaving schijnzelfstandigheid?
Sinds 2025 controleert de Belastingdienst weer actief op schijnzelfstandigheid: situaties waarin iemand feitelijk als werknemer werkt, maar via een zzp-constructie wordt ingehuurd. Om ondernemers niet direct met sancties te confronteren, gold er dit jaar nog een zachte landing.
Dat hield in:
- geen boetes bij overtredingen;
- inspecties begonnen meestal met een bedrijfsbezoek;
- de Belastingdienst keek vooral naar recente aangiften (beperkt financieel risico).
Deze aanpak stopt per 1 januari 2026. Vanaf dat moment kunnen inspecteurs bij overtredingen ook boetes en naheffingen opleggen.
Waarom wil het kabinet geen verlenging?
Volgens de staatssecretaris zou verlenging van de zachte landing “niet wenselijk” zijn. In de Kamerbrief staat dat veel organisaties hun bedrijfsvoering inmiddels hebben aangepast, en dat uitstel juist een verkeerd signaal zou geven aan bedrijven die zich wél aan de regels houden.
Ook noemt hij het tegengaan van uitbuiting en misbruik en oneerlijke concurrentie als reden.
Bovendien zou verlenging kunnen botsen met Europese afspraken. Het opheffen van de overgangsperiode per 1 januari 2025 is namelijk vastgelegd als mijlpaal in het Europese Herstel- en Veerkrachtplan (HVP).
Als Nederland daarvan afwijkt, kan de Europese Commissie dit zien als het terugdraaien van een eerdere toezegging, wat een korting tot € 600 miljoen op Europese middelen kan opleveren.
Het kabinet wijst er ook op dat voorspelbaarheid van beleid belangrijk is. Nog langer uitstellen zou volgens Heijnen zorgen voor onduidelijkheid in de markt.
Wat betekent dit voor zzp’ers en opdrachtgevers?
Voor zelfstandigen die echt als ondernemer werken, verandert er weinig. Maar bij langdurige opdrachten, of situaties waarin weinig zelfstandigheid is, neemt het risico toe dat de Belastingdienst de samenwerking als loondienst beoordeelt.
De Belastingdienst voert de controles de komende jaren stap voor stap op. Tot 2030 geldt nog een overgangsperiode: fouten kunnen dan alleen over recente jaren worden gecorrigeerd. Daarna, vanaf 2030, mag de Belastingdienst weer tot maximaal vijf jaar terug naheffingen opleggen.
Check de samenwerking met je klanten
Controleer voor 2026 of jouw samenwerking voldoet aan de zelfstandigheidscriteria.
Let niet alleen op de contracttekst, maar vooral op de praktijk: bepaal je zelf hoe je werkt, draag je ondernemersrisico en heb je meerdere opdrachtgevers?
Als je dat nu goed op orde hebt, voorkom je straks discussie en mogelijk een boete.
